INBO Natuurverkenning 2050 - inspiratie voor de natuur van de toekomst

18-02-2019
Brussel
overhandiging van het rapport

Hoe ziet Vlaanderen eruit binnen dertig jaar? Het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) onderzocht het in zijn ‘Natuurverkenning 2050’ aan de hand van vier visies, en presenteert de resultaten vandaag in het Vlaams parlement. De Natuurverkenning 2050 helpt het beleid en de vele gebruikers van de ruimte in Vlaanderen om constructief in dialoog te treden.

Die vier visies kijken niet naar natuur of biodiversiteit als een geïsoleerd fenomeen, maar situeren ze in haar werkelijk kader, midden allerlei andere factoren die er invloed op hebben zoals demografie, economie en landbouw.

Geen van de vier visies is alleen zaligmakend of biedt oplossingen voor alle problemen. De natuur kan wel helpen bij het milderen van problemen zoals droogte in landbouwgebieden, hitte in onze steden en fijn stof in de lucht, maar dat moet samengaan met een grondige verandering in onze levensstijl, consumptie- en productiemethoden, willen we een kans op slagen hebben.

De milieukwaliteit verbeteren en natuur herstellen buiten de bestaande natuurgebieden is ook absoluut nodig om het biodiversiteitsverlies zelf een halt toe toe roepen. Het kan ook helpen om de natuur die ons nog rest weerbaarder te maken tegen de gevolgen van de klimaatverandering.

De vier visies bieden een startpunt voor de dialoog tussen de verschillende gebruikers van de ruimte in Vlaanderen: ze bieden een woordenschat en ook inspirerende beelden op een website www.natuurrapport.be om het debat open te trekken over wat we met de schaarse ruimte in Vlaanderen nog kunnen doen, waar we open ruimte kunnen herstellen en hoe we onze steden gezond en leefbaar kunnen houden.

De Natuurverkenning 2050 bouwt voort op ideeën en overtuigingen die daarrond leven bij de Europese bevolking, aangepast voor Vlaanderen. Daarvoor werkten de onderzoekers samen met experten en gebruikers uit verschillende sectoren. De visies(*) zijn:

 

De visies worden in detail besproken in een digitale publicatie Natuurverkenning 2050. Inspiratie voor de natuur van de toekomst en onderbouwd met 5 wetenschappelijke rapporten.

-------

(*) De vier visies

Culturele identiteit versterken

In de kijkrichting ‘de culturele identiteit versterken’ identificeren mensen zich met de plek waar ze leven. Er is een uitgesproken ‘sense of place’. Mensen beschouwen de natuur en het landschap in hun omgeving als een integraal deel van hun gemeenschap en als essentieel voor een goed en zinvol leven. Natuur is overal nabij en toegankelijk. Een esthetisch landschap dat karakteristieke, cultureel gebonden elementen onderstreept, kent een heropleving. Het krijgt tegelijkertijd ook een eigentijdse invulling. Lokale gemeenschappen, verenigingen van burgers, boeren en ondernemers nemen samen het voortouw om de gewenste landschapskarateristieken te realiseren. Regionale overheden ondersteunen en coördineren hun initiatieven. Brugorganisaties zoals de huidige Regionale Landschappen spelen een sleutelrol in het verbinden van schaalniveaus en kennistypes.

De natuur haar weg laten vinden

In de kijkrichting ‘De natuur haar weg laten vinden’ hechten mensen veel belang aan de intrinsieke waarde van natuurlijke processen en soorten. Nulbeheer of minimale interventie door de mens is het streefdoel. Er is geloof in de veerkracht van natuur, op voorwaarde dat die dynamiek voldoende ruimte en tijd krijgt. Een sterke overheid maakt keuzes en financiert de ontwikkeling van een omvangrijk en dynamisch netwerk van natuurlijke systemen. Dat netwerk omvat rivieren en valleien en corridors waarlangs wild zich kan verplaatsen. Inkomsten uit ecotoerisme en duurzame bosbouw, jacht en visvangst leveren een bijdrage aan de uitbouw ervan.

De stroom van de economie benutten

In de kijkrichting ‘de stroom van de economie benutten’ ligt het accent op een natuur die past bij de individuele levensstijl van mensen en investeerders. Natuur is een waardevol middel om een inkomen te genereren. Ze krijgt betekenis als een groene productiefactor voor de economie, een decor voor activiteiten en een inspiratiebron voor product- en procesdesign. Privé-initiatief staat centraal: bedrijven en filantropen creëren kansen voor natuur en voor economische activiteiten die hier gebruik van maken. Cofinanciering van natuurbeheer is de regel. De rol van de overheid bestaat er vooral in om de randvoorwaarden voor een goede marktwerking te bewaken en nieuwe markten te creëren die het beheer en de ontwikkeling van een groene infrastructuur stimuleren.

Samenwerken met natuur

De kijkrichting ‘Samenwerken met natuur’ benadrukt de afhankelijkheid van mens en natuur. Goed functionerende veerkrachtige ecosystemen zijn onmisbaar voor mens en economie. Het duurzaam gebruik van de diensten die ze leveren en van de onderliggende voorraad natuurlijk kapitaal is daarom essentieel. Landbouwers, bedrijven, bosbeheerders of burgers benutten en optimaliseren natuurlijke processen omdat die hen baten opleveren op korte of langere termijn. Groene pioniers uit het bedrijfsleven, de financiële sector, de gezondheidssector en natuur- en milieuverenigingen, burgerverenigingen en de onderzoekswereld werken allen samen om de transitie naar een groene samenleving vorm te geven. De overheid coördineert, stimuleert innovatie en werkt financiële mechanismen uit om milieukosten in rekening te brengen en natuurvoordelen te vergoeden.

 

Persinfo 
Contact: Koen Van Muylem, woordvoerder INBO, 0473 814 928
Feedback