Otters gevestigd in de noordelijke Zeescheldevallei - Marternieuws 17

Na een aantal lokale ‘geruchten’ over otterwaarnemingen in oktober jongstleden besloot boswachter Björn Deduytsche deze winter om aan de slag te gaan met fotovallen.  Op 18 december werd voor het eerst een otter gefilmd. De weken die daarop volgden waren bijzonder boeiend: bijna dagelijks werd een otter gefilmd, op twee naburige locaties. Hoe meer beelden, hoe meer onderling vergelijkingsmateriaal ook. Twee zaken vielen hierbij op:  een zeer actief markeergedrag, en een aantal beelden waarop een otter te zien is die wel zeer klein van formaat is. Na een grondige analyse van die eerste beelden en overleg met internationaal gerenommeerd roofdier- en otterkenner prof. Vadim Sidorovich zijn we tot het besluit gekomen dat er waarschijnlijk twee verschillende jonge otters op dezelfde plaats komen markeren. Uit observaties bij dieren in gevangenschap is gebleken dat otters al op zeer jonge leeftijd beginnen te markeren (vijf maanden of zelfs vroeger). Toch kunnen we niet uitsluiten dat het al subadulte (tweedejaars) dieren zijn, die dan wel klein van formaat zijn (er zit nogal wat individuele variatie op).

Als klap op de vuurpijl werd op 31 december op een derde locatie vlakbij een duidelijk forser en reeds ouder dier gefilmd: een mannetje. We kunnen dus met zekerheid stellen dat er momenteel meerdere otters aanwezig zijn in het gebied en dat ze er goed en wel gevestigd zijn.

Om zoveel mogelijk de  kans op verstoring van de otters te vermijden werd in overleg met ANB-regiobeheerder Tom Maes beslist om enkel beelden vrij te geven waarop geen enkel herkenbaar aanknopingspunt te zien is. Daarom kunnen we alleen het filmpje met het forse mannetje laten zien.

Het aantal otterwaarnemingen is de laatste jaren duidelijk in een stroomversnelling gekomen, mede dankzij de opkomst van de fotovallen. Na Willebroek (2012), Bocholt  (2012) en Lubbeek (2014) is dit al het vierde gebied in Vlaanderen waar otters met cameravallen werden vastgesteld. Lubbeek betrof waarschijnlijk een zwerver. In Willebroek werd minstens één otter (eveneens een mannetje) regelmatig gefilmd in de periode april-oktober 2012. In Bocholt dateren de otteropnames van de periode april-mei 2012. In beide gevallen ging het dus ook minstens om tijdelijke vestiging, toen hadden we echter slechts zekerheid over één dier. Daarnaast waren er in september-oktober 2012 de verkeersslachtoffers in Ranst en niet zo ver van de grens in het Nederlandse Asten. In 2013 bereikte ons nog een betrouwbare zichtwaarneming uit Bocholt en in 2014 nog in Munsterbilzen.

Zichtwaarnemingen worden vaak achterwege gelaten als het gaat om opsommingen van ‘zekere’ waarnemingen. Vaak ten onrechte. Ook nu weer is gebleken dat ‘geruchten’ best mogelijk op ware feiten kunnen steunen. Alleen zal het niet altijd zo vlot lukken om bevestiging te krijgen. Net daarom is het van belang om waarnemingen zo goed mogelijk te documenteren. Recent nog hebben we weet gekregen van een verkeersslachtoffer dat in het voorjaar van 2014 zou gevallen zijn in Bocholt. Het dier werd echter niet opgemerkt via de reguliere kanalen (Marternetwerk, waarnemingen.be) maar zou door onbekenden zijn meegenomen om te worden opgezet. Reconstructie van het verhaal en de beschikbare getuigenissen laten echter toe te besluiten dat het ook hier naar alle waarschijnlijkheid een otter moet zijn geweest.

 

Feedback