Soortbeschermingsplannen

Eind 2016 zijn er 18 soortbeschermingsplannen opgesteld en negen soortbeschermingsprogamma’s (= vervolg soortbeschermingsplannen) vastgesteld.
Bron: 
Agentschap voor Natuur en Bos (ANB)

Horizontal Tabs

Algemeen
Definitie 
Deze indicator geeft de evolutie van het aantal soortbeschermingsplannen,die zijn opgesteld op vraag van, of in samenwerking met het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB), weer.
Bespreking 

Deze indicator betreft enkel soortbeschermingsplannen en soortbeschermingsprogramma’s die zijn opgesteld op vraag van, of in samenwerking met het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB). Het doel van deze plannen en programma’s is de achteruitgang van deze soorten te stoppen, de gunstige staat van instandhouding van levensvatbare populaties te verzekeren of het herstel van (de populaties van) bedreigde soorten te bevorderen. De prioriteit gaat daarbij naar soorten van internationaal belang.

Tot eind 2016 zijn er 18 soortbeschermingsplannen opgesteld voor de volgende soorten of soortengroepen: adder, boomkikker, knoflookpad, vroedmeesterpad, vuursalamander, vleermuizen, das, hamster, hazelmuis, kleine rietgans, nachtzwaluw, waterrietzanger, argusvlinder, bruine eikenpage, bruine vuurvlinder, gentiaanblauwtje, heivlinder en grote pimpernel. Sedert 2011 bieden soortbeschermingsprogramma’s (*) een vervolg op de soortbeschermingsplannen. Het Agentschap voor Natuur en Bos kan deze programma’s opstellen voor Vlaamse prioritaire en Europees beschermde soorten. In 2015 zijn er vijf soortbeschermingsprogamma’s vastgesteld (Antwerpse haven, bever, grauwe kiekendief, hamster en kwartelkoning). In 2016 kwamen er vier ’bij: namelijk voor gladde slang, roerdomp, heivlinder en knoflookpad. Daarnaast stellen ook bepaalde provincies, gemeenten en erkende natuurverenigingen plannen op voor de bescherming van soorten. Het aantal initiatieven om soorten via een plan te beschermen is in de praktijk daardoor hoger dan wat deze indicator weergeeft.

Beleidsdoelen 
  • Streefdoel 1 EU 2020 biodiversiteitsstrategie: De achteruitgang in de status van alle onder natuurwetgeving van de EU vallende soorten en habitats tot staan brengen en een aanzienlijke en meetbare verbetering van hun status bereiken zodat tegen 2020, vergeleken met huidige beoordelingen: (i) 100 % meer habitatbeoordelingen en 50 % meer soortenbeoordelingen in het kader van de habitatrichtlijn een verbeterde staat van instandhouding te geven; en (ii) uit 50 % meer soortenbeoordelingen in het kader van de vogelrichtlijn een veilige of verbeterde staat van instandhouding blijkt.
Technische toeliching
Updatefrequentie 
jaarlijks
Feedback