Oppervlakte beheerovereenkomsten met natuurdoelen

De oppervlakte beheerovereenkomsten met natuurdoelen kende in 2018 een verdere groei in nagenoeg alle categorieën. Beheerovereenkomsten voor soortenbescherming nemen het grootste aandeel in en kennen ook de sterkste groei.
Bron: 
VLM

Horizontal Tabs

Algemeen
Definitie 
Deze indicator geeft de evolutie van cultuurgrond met natuurgerichte beheerovereenkomsten.
Bespreking 

In het kader van de Vlaamse Programma’s voor Plattelandsontwikkeling (sinds 2000) kunnen landbouwers vijf jaar durende beheerovereenkomsten (BO) sluiten met de Vlaamse overheid. Dat zijn maatregelen ter bevordering van het milieu, de natuur en het landschap, die verdergaan dan het naleven van wettelijke randvoorwaarden en bestaande regelgeving. De beheerovereenkomsten perceelrandenbeheer beogen het bufferen van kwetsbare elementen en het voorzien van nectar en pollen voor bestuivers. Het onderhoud van kleine landschapselementen (KLE’s) beoogt het herstel, de ontwikkeling en het onderhoud van houtige landschapselementen. Er zijn verder aparte categorieën voor soortenbescherming en het botanisch beheer van waardevolle graslanden.
De oppervlakte van de BO botanisch beheer groeit langzaam. Meer dan de helft van de oppervlakte valt onder de noemer “ontwikkeling soortenrijk grasland” . Perceelsrandenbeheer neemt eveneens traag toe. Het leeuwenaandeel wordt hier ingenomen door aanleg en onderhoud van gemengde grasstroken. De cijfers sinds 2017 voor BO houtige KLE’s zijn moeilijk vergelijkbaar met de jaren daarvoor omdat nu nog enkel het onderhoud ervan betoelaagd wordt en niet meer de aanleg ervan. De aanleg van houtige landschapselementen wordt nu gesubsidieerd in de vorm van een niet productieve investering. Dit zijn investeringen door landbouwers die ondersteund worden door het Vlaams Investeringsfonds en die bijdragen aan het verhogen van de biodiversiteit, een verbeterd waterbeheer en het verminderen van erosie. Het onderhoud van hagen neemt sterk toe; het onderhoud van kaphagen (nieuwe beheervorm, in voege sedert 2015) kent een langzame maar positieve start. Het onderhouden van heggen en houtkanten neemt echter sterk af omdat de soortensamenstelling en verschijningsvorm nu sterker is afgelijnd.
Het grootste deel van de natuurgerichte BO betreft soortgerichte maatregelen. Alle categorieën nemen toe in oppervlakte met als belangrijkste en ook sterkst stijgende oppervlaktes deze voor wintervoedsel en grasstroken met een gefaseerd maaibeheer. Deze pakketten worden gesloten in gebieden die aangeduid zijn voor soortenbescherming.

Beleidsdoelen 
  • Streefdoel 3 EU 2020 biodiversiteitsstrategie: Tegen 2020 zijn er bosbeheerplannen of gelijkwaardige instrumenten, in overeenstemming met duurzaam bosbeheer (SFM)21, voor alle bossen in overheidsbezit en voor bosgebieden vanaf een bepaalde omvang** (door de lidstaten of de regio's vast te stellen en mee te delen in hun plattelandsontwikkelingsprogramma's) waarvoor financiering wordt verstrekt in het kader van het plattelandsbeleid van de EU, teneinde te zorgen voor een meetbare verbetering (*) in de staat van instandhouding van soorten en habitats die afhangen of invloed ondervinden van bosbouw en in de levering van ecosysteemdiensten ten opzichte van de EU-referentiesituatie van 2010.
Technische toeliching
Updatefrequentie 
jaarlijks
Feedback