De staat van instandhouding van de soorten van de Habitatrichtlijn

Het aantal soorten van Europees belang is met tien toegenomen in Vlaanderen. Sinds 2007 is de toestand van 15 soorten licht verbeterd. Dit neemt niet weg dat het overgrote deel van de soorten nog steeds in een (zeer) ongunstige staat van instandhouding verkeert. Voor 13 soorten bleef de ongunstige toestand stabiel, vier soorten gaan verder achteruit.
Bron: 
INBO

Horizontal Tabs

Algemeen
Definitie 
De EU-lidstaten zijn verplicht, in het kader van de zesjaarlijkse rapportering over de vordering rond de implementatie van de EU-Habitatrichtlijn, een uitgebreide rapportering in te dienen (artikel 17 van de Habitatrichtlijn). Die rapportering houdt onder meer in dat er per soort van de richtlijn (bijlage II, IV en V) een staat van instandhouding wordt aangegeven op niveau van de biogeografische regio’s binnen de lidstaten. De staat van instandhouding van de soorten van de Habitatrichtlijn wordt geëvalueerd op basis van vier criteria: de populatie van de soort, het areaal, het habitat en de toekomstverwachtingen.
Bespreking 

De Habitatrichtlijn beoogt de bescherming, zowel behoud als herstel van fauna, flora en habitattypen in Europa. In de Bijlagen van de richtlijn staat vermeld voor welke soorten Europa een belangrijke rol vervult om die te beschermen. Het gaat dikwijls om soorten van specifieke leefgebieden of soorten die bedreigd zijn of waren. Voor deze soorten moet gestreefd worden naar een gunstige staat van instandhouding. De lidstaten rapporteren om de zes jaar aan de Europese Commissie over hun ‘toestand’. De staat van instandhouding van soorten wordt geëvalueerd op basis van vier door Europa vastgelegde criteria, namelijk het areaal of het verspreidingsgebied van de soort, de populatie van de soort, het leefgebied van de soort en de toekomstverwachtingen.
In totaal komen 69 soorten in Vlaanderen voor, wat 10 soorten meer is dan bij de rapportage van 2013. Hiervan bevinden zich 18 soorten in een gunstige staat van instandhouding. Veertien soorten hebben een matig ongunstige staat van instandhouding. Acht van die 14 soorten vertonen een positieve trend over de laatste 12 jaar, twee soorten hebben een stabiele trend en van vier soorten kon de trend niet bepaald worden. 29 soorten (42%) hebben een zeer ongunstige staat van instandhouding. Zeven hiervan vertonen een positieve trend over de laatste 12 jaren, van 11 soorten is de trend stabiel, vier soorten gaan verder achteruit en van zeven soorten kon de trend niet bepaald worden. De soorten die verder achteruitgingen zijn knoflookpad, barbeel, vliegend hert en juchtleerkever. Van vijf soorten is de staat van instandhouding onbekend en van nog eens drie soorten (wolf, lynx en tweekleurige vleermuis) is er slechts een gedeeltelijke rapportage omdat ze pas recent in Vlaanderen werden waargenomen. Ook deze drie soorten werden finaal als onbekend beoordeeld.

Beleidsdoelen 
  • Streefdoel 1 EU 2020 biodiversiteitsstrategie: De achteruitgang in de status van alle onder natuurwetgeving van de EU vallende soorten en habitats tot staan brengen en een aanzienlijke en meetbare verbetering van hun status bereiken zodat tegen 2020, vergeleken met huidige beoordelingen: (i) 100 % meer habitatbeoordelingen en 50 % meer soortenbeoordelingen in het kader van de habitatrichtlijn een verbeterde staat van instandhouding te zien geven; en (ii) uit 50 % meer soortenbeoordelingen in het kader van de vogelrichtlijn een veilige of verbeterde staat van instandhouding blijkt.
  • PACT2020 15.2 Hiertoe heeft Vlaanderen in 2020 voldoende habitat ingericht, herbestemd, verbeterd of afgebakend om 70 % van de instandhoudingsdoelstellingen van de Europees te beschermen soorten en habitats te realiseren.
Technische toeliching
Updatefrequentie 
6 jaarlijks
Feedback