Bezoeken aan bossen en natuurgebieden

In 2017 bezocht ongeveer 12% van de bevraagde Vlamingen minstens wekelijks een bos of natuurgebied. Ongeveer de helft (53%) gaf aan tijdens de voorbije 12 maanden geen of uitzonderlijk een keer een bos en/of natuurgebied bezocht te hebben, wat een stijging is ten opzichte van 2016 (49%).
Bron: 
Studiedienst Vlaamse Regering (Departement Kanselarij en Bestuur)

Horizontal Tabs

Algemeen
Definitie 
Deze indicator geeft weer hoeveel keer de Vlaming zegt bossen of natuurgebieden te bezoeken per jaar.
Bespreking 

Het meer toegankelijk maken van natuur- en bosgebieden wordt in het Vlaams natuurbeleid gezien als een stimulerende maatregel die het maatschappelijk draagvlak voor natuur en biodiversiteit vergroot. Ook het Vlaams regeerakkoord en de Beleidsnota Leefmilieu en Natuur pleiten voor een grotere toegankelijkheid van natuur en bos voor iedereen. Er zijn geen concrete beleidsdoelen geformuleerd. De jaarlijkse survey van de studiedienst van de Vlaamse Regering peilt hoe dikwijls Vlamingen bos- en natuurgebieden bezoeken (Beyst & Pickery, 2006). De frequentie van bezoeken aan bossen en natuurgebieden is een van de draagvlakindicatoren voor natuur (VRIND 2016).

In 2017 bezocht ongeveer 12% van de bevraagde Vlamingen minstens wekelijks een bos en/of natuurgebied. Ongeveer 25% bezocht tijdens de voorbije 12 maanden geen bos en/of natuurgebied en 28% deed dit het afgelopen jaar slechts één keer. Het percentage dat minimaal eens per week een bezoek brengt, is in 2016 lichtjes gestegen, van 7,3% naar 9,2% en daalt in 2017 opnieuw naar 6,6%. En ca. 27%.h van de bevraagde Vlamingen bezocht de laatste drie jaar nooit of slecht één keer per jaar een bos en/of natuurgebied .

Het aandeel Vlamingen dat minstens meerdere keren per maand een bos en/of natuurgebied bezoekt bedraagt ca. 13,3%; zij die dat minder frequent doen ca. 22% (maandelijks). Kijken we voor de maandelijkse bezoeken naar de periode 2009-2017 dan zien we dat dit aandeel min of meer gelijk is in 2009 (20,3%), dan daalt naar een dieptepunt in 2012 (15,1%) en van dan af een stijgende trend vertoont.

Beleidsdoelen 
  • Streefdoel 1 EU 2020 biodiversiteitsstrategie: De achteruitgang in de status van alle onder natuurwetgeving van de EU vallende soorten en habitats tot staan brengen en een aanzienlijke en meetbare verbetering van hun status bereiken zodat tegen 2020, vergeleken met huidige beoordelingen: (i) 100 % meer habitatbeoordelingen en 50 % meer soortenbeoordelingen in het kader van de habitatrichtlijn een verbeterde staat van instandhouding te geven; en (ii) uit 50 % meer soortenbeoordelingen in het kader van de vogelrichtlijn een veilige of verbeterde staat van instandhouding blijkt.
Technische toeliching
Updatefrequentie 
jaarlijks
Feedback