Van 14 tem 19 december 2017 verhuist INBO Brussel naar het Herman Teirlinckgebouw op de site Thurn & Taxis, Havenlaan 88 bus 73, 1000 Brussel.

Landbouw en Cultuurmilieus

Hoewel absoluut niet als biotoop te definiëren, werd er toch een nood gevoeld om voor het sterk verstedelijkte en vrijwel volledig door landbouw ge(her)boetseerde Vlaamse landschap een apart rapport op te maken voor landbouw- en cultuurmilieus. Vele van de natuurtypen die in dergelijke milieus worden aangetroffen, worden ook besproken in één of meerdere van de andere natuurtypologierapporten, hier staan ze gegroepeerd volgens een antropocentrische indeling in landschapselementen.

Natuurtypen, die aan de volgende vier vereisten voldoen, werden in dit rapport opgenomen: - het type moet landschappelijk relevant zijn; - het type mag niet of moeilijk in een fytosociologisch onderbouwd natuurtype onder te brengen zijn (het behandeld met ander woorden de terrestrische natuurtypen die niet reeds elders besproken werden, de zgn. rest-natuurtypen’); - het type moet een belangrijke (veelal versnipperde) ecologische waarde bevatten; - het type moet in landelijk gebied gelegen zijn.

Waar mogelijk zijn vooral biotische parameters gehanteerd voor de afbakening van de natuurtypen. Een onderzoek naar ‘Natuur in landbouw- en cultuurmilieus’ kan uiteraard niet zonder dat er heel wat abiotische elementen bij worden geïntegreerd. De vegetatiepatronen die duidelijk antropogeen verstoord zijn, zullen door abiotische patronen worden beschreven en geanalyseerd.

Niet alle ‘rest-natuurtypen’ worden behandeld. Zo komen de volgende elementen niet aan bod: - stadsnatuur (onderdelen hiervan worden behandeld in de natuurtypen tuinen, wegvlakken, muren, …); - struwelen, ruigten, zomen, mantels en andere subclimax-vegetaties; - structuren met een samenstelling die opvallende gelijkenissen vertoont met andere natuurtypen (bvb. droge graslanden op dijken, verzuurde moerassen in oude zandwinningsputten, …); - zeer kleine, ruimtelijke eenheden (bv. houtstapels, stadstuinen, tuinpoeltjes, slibdepositie langs beken, …).

Natuurtypen die onderscheiden worden in landbouw- en cultuurmilieus (in landelijk gebied) zijn:

  1. Wegvlakken
  2. Muren
  3. Tuinen en parken
  4. Boomgaarden
  5. Hagen en houtkanten
  6. Bomenrijen
  7. Holle wegen
  8. Spoorwegen
  9. Akkers
  10. Ontginningen en ophogingen
  11. Terrils
  12. Stort
Feedback