Gezondheidstoestand van beuk in Vlaanderen goed (NB 07/15)

In 2014 beoordeelde het INBO in Vlaanderen 1661 bomen in het kader van de bosvitaliteitsinventaris. Ongeveer een op de vijf  bomen werd als beschadigd beschouwd (21,1%). De kroon van deze bomen draagt minder bladeren in vergelijking met gezonde bomen. Dit wordt kwantitatief uitgedrukt door een bladverliesscore. We spreken van beschadigde bomen wanneer het bladverlies meer dan 25% bedraagt.

Tussen de loofboomsoorten zijn er opvallende verschillen. Beuk behaalt een tamelijk positief resultaat, terwijl de gezondheidstoestand van de zomereik in verschillende bossen ongunstig is. Er werden in het meetnet geen beuken met ernstig bladverlies waargenomen en afgestorven exemplaren waren er evenmin. Ook de naaldbomen komen de laatste jaren gunstiger uit de inventaris. Met name de grove den doet het vrij goed.

Meerdere factoren beïnvloeden de bosvitaliteit. Voorbeelden zijn de standplaats (bodem, vocht) en extreme weersomstandigheden, maar ook schimmels en insecten beïnvloeden de bladbezetting. Tenslotte bepalen ook menselijke activiteiten mee de gezondheidstoestand van bomen, zowel rechtstreeks als onrechtstreeks.

Op Europees niveau was in 2013 20,5% van de steekproefbomen beschadigd. De cijfers voor 2014 werden nog niet gepubliceerd.

De jaarlijkse bosvitaliteitsinventaris gaat binnenkort weer van start. Van juli tot september wordt de gezondheidstoestand van bomen in tientallen Vlaamse bossen beoordeeld. De inventarisatie kadert in het internationaal ICP Forests programma en gebeurt in Vlaanderen in opdracht van het Agentschap voor Natuur en Bos. Uit de monitoring wordt de INBO natuurindicator ‘aandeel beschadigde bosbomen’ gehaald.

Geert Sioen, Peter Roskams

 

Feedback