Ecohydrologische gebiedsbeschrijvingen voor natuurgebieden in het kader van PAS

Het INBO publiceerde een reeks ecohydrologische gebiedsbeschrijvingen die inspirerend kunnen werken voor gebiedsbeheerders en beleidsmakers geconfronteerd met inrichtings- en beheervragen, het kiezen en/of het halen van (Europese) instandhoudingsdoelstellingen, of het remediëren van negatieve externe invloeden in één of meerdere natuurgebieden. We selecteerden een zeventigtal grondwaterafhankelijke natuurreservaten (beheerd zowel door de overheid als door terreinbeherende organisaties), gespreid over de zeven verschillende ecohydrologische typesystemen:

  • polders
  • alluviale valleien met duidelijke kwel
  • alluviale valleien met weinig kwel
  • Kempische beekdalen
  • brongebieden
  • infiltratiegebieden
  • ecohydrologisch wat afwijkende gebieden
     

Bij het maken van ecohydrologische gebiedsbeschrijvingen is multidisciplinaire informatieverwerking en -interpretatie de regel. Daarbij wordt in eerste instantie gebruik gemaakt van abiotische informatie zoals detailtopografie, hydrografie en bodeminformatie uit tertiaire en quartaire geologie. Belangrijker nog zijn de vele grond- en oppervlaktewaterpeilmetingen en chemische analysen die in de loop van de voorbije decennia in de Vlaamse natuurgebieden verzameld werden in de INBO waterdatabank WATINA.

Omdat dit kennisoverzicht gecompileerd werd met het oog op de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) staan op het einde van elke ecohydrologische gebiedsbeschrijving expliciet en kort de gebiedsspecifieke knelpunten relevant in het kader van PAS opgelijst.

Piet De Becker

kaarten ecohydrologie

Thema 
Feedback