10 000 ha bosuitbreiding, goed voor een gezondheidsdividend van miljoenen euro’s per jaar (JB-17)

De hoge concentratie fijn stof die we in Vlaanderen inademen, schaadt onze gezondheid. Dit thema was in 2017 niet weg te branden uit de actualiteit. We moeten de uitstoot door houtverbranding in haarden en kachels, transport en industrie drastisch doen dalen. Daarnaast weten we ook dat bossen onze luchtkwaliteit verbeteren. Bladeren en takken van bomen filteren zwevend fijn stof uit de lucht. Wanneer het regent, spoelt het fijn stof af naar de bodem. Zo beschermt bosuitbreiding niet alleen onze bedreigde biodiversiteit, ze draagt ook bij aan onze gezondheid en is goed voor de economie.

Milieu-economen van de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) schatten dat overheden en particulieren per kilogram afgevangen fijn stof (PM10) 57 euro gezondheidsuitgaven uitsparen. Het Natuurrapport vergeleek drie scenario's voor 10 000 ha bosuitbreiding. Die uitbreiding zou jaarlijks bijkomend 360 tot 400 ton fijn stof uit de lucht filteren, een vermeden gezondheidsschade van 20 tot 23 miljoen euro per jaar. Een winst voor de hele bevolking die zelfs hoger blijkt dan de economische waarde van de gederfde landbouwinkomsten.

Tienduizend ha bosuitbreiding staat al sinds eind jaren 1990 op de beleidsagenda van de Vlaamse overheid. Hoewel er aan bosuitbreiding wordt gedaan, zijn we er nog niet in geslaagd om die doelstelling van 10 000 ha waar te maken. Enerzijds omdat nieuwe ontbossingen de bosuitbreiding deels tenietdoen zodat er netto minder bos bijkomt. Anderzijds omdat bosuitbreiding lokaal vaak op maatschappelijke weerstanden botst bij andere gebruikers van de schaarse open ruimte, bijvoorbeeld landbouwers, eigenaars van bouwgronden of bedrijven die hun activiteiten willen uitbreiden of verplaatsen.

Vanuit een bedrijfseconomisch perspectief is die weerstand niet onlogisch. Het ‘dividend’ van de vermeden gezondheidsschade komt de samenleving als geheel ten goede. Het wordt echter niet in geld uitgekeerd aan die belanghebbenden die door de bosuitbreiding hun inkomen of vermogen zien dalen. Een landbouwer die zijn akkers bebost, kan nu eenmaal geen gezuiverde lucht verkopen. Economen noemen dit fenomeen een 'marktfaling'. Het is dan aan de overheid om via gepaste beleidsmaatregelen dit falende marktmechanisme bij te sturen. Dit gebeurt nu in beperkte mate met de middelen van het boscompensatiefonds, die recent werden vrijgegeven om bosuitbreiding te financieren. Maar zolang private landgebruikers geen sterkere economische aansporing ervaren om op hun percelen aan bosuitbreiding te doen, zal het lastig zijn om de bosoppervlakte in Vlaanderen gevoelig te laten toenemen.

Wouter Van Reeth

Meer lezen? We bespreken de ecologische, maatschappelijke en economische voordelen van bosuitbreiding uitvoerig in hoofdstuk 4 van het Natuurrapport 2016, dat in februari 2017 aan de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw werd overhandigd.

Feedback